De 8 aanbevelingen voor betere zorg van prof. dr. Joris Slaets

Op 16 december 2013 opende prof. dr. Joris Slaets het congres van Zin in Zorg. Hoewel dit al even terug is, is wat hij daar zegt nog heel relevant. Het filmpje met de opening staat hieronder. Zijn opening begint hij met een voorbeeld dat typerend is voor wat hij meemaakt en daarna geeft Joris Slaets een aantal aanbevelingen voor betere zorg, deze staan hieronder.

Voorbeeld mevrouw Pekela

“Ik wil u een voorbeeld vertellen over mevrouw Pekela, een 82 jarige alleenwonende dame in Noord-Oost Groningen die in haar oude boerderijtje woont, met haar zoon in het dorp een buur die net zo versleten is als haarzelf, een trouwe hulp en een goede huisarts. Het gaat niet goed met mevrouw Pekela maar ze vindt het eigenlijk wel welletjes met haar leven. Ze wil graag thuisblijven. Ze heeft een gesprek met haar zoon en de huisarts. De huisarts is in twijfel en zegt: mevrouw Pekela u heeft bloedarmoede en u geeft bloed op en ik weet niet wat nu het goede is. Ik weet wel wat er kan, maar help ik u daarmee? En omdat ik dat niet weet is het zo moeilijk een besluit te nemen. Dus mevrouw Pekela gaat naar het ziekenhuis, ze krijgt een scopie, ze krijgt complicaties, wordt behandeld en kan niet meer naar huis. Ze moet naar een verpleeghuis twee dorpen verder waar ze na twee maanden overlijdt…” – Joris Slaets

1. Vraag wat de patiënt wil

Er bestaat zoiets als schadelijke zorg. Laten we daarmee ophouden. Behandelen aan de grens van het kunnen wordt dan al gauw mishandelen. Dat is niet alleen zo in de ziekenhuiszorg, dat is ook zo in de thuiszorg wanneer we kansen laten liggen om mensen weerbaarder te maken.

Het probleem hiervan zit in het gemeenschappelijke proces en de waarde van de patiënt. Niet de richtlijnen of wetenschappelijke kennis. Wat primair zou moeten zijn in het proces van besluitvorming is wat onze patiënten zelf willen.

We schrijven bakken met indicatoren. Het is bijna zo dat mensen zich meer richten op de indicatoren dan het werken met patiënten en dat geeft deze verkeerde prikkel: hoe positiever de indicatoren, hoe groter de bonus.

Bij stichting de Hoven hebben ze besloten om de zorgleefplannen weg te gooien en zijn ze de mensen gaan vragen wat ze zelf willen. Het normatieve kader van deze indicatoren verstikt ons behandelbeleid. We moeten naar andere indicatoren.

Prof. Dr. Joris Slaets

Prof. Dr. Joris Slaets, hoogleraar Ouderengeneeskunde UMC Groningen

2. Focus op positief welbevinden

Onze zorg is gericht op negatief welbevinden. Heeft uw hoofdpijn? Heeft uw diaree of juist opstipatie? Heeft u pijn in de rug? Slaapt u slecht? Depressie? Angsten? Maar wat we zouden moeten vragen is:

  • Waar beleeft u plezier aan?
  • Wat vindt u belangrijk in uw leven?
  • Wat zou u graag willen? Wat juist niet?
  • Wat is echt belangrijk?

We hebben een merkwaardig onderscheid gemaakt tussen positief en negatief welbevinden. Onze hele zorg is gericht op negatief welbevinden. Ik moet u daarbij complimenteren, want dat doet u fantastisch. U bent ongelooflijk goed in staat om het negatief welbevinden (de narigheid die ontstaat bij allerlei ziektes en kwetsbaarheid) in bedwang te houden. Maar we hebben weinig aandacht voor positief welbevinden en laten daar heel veel kansen liggen.

3. Leg de vraag neer bij de juiste persoon

In de top drie van positief welbevinden staan twee opvallende dingen die heel relevant zijn voor ouderen..

  1. Sociale omgeving: erbij horen, een sociaal netwerk hebben, iets betekenen voor iemand. Het ergste wat iemand tegen mij kan zeggen is: “Het is voor niemand nog belangrijk dat ik er ben.”
  2. Fysieke omgeving: niet alleen in huis, maar ook buiten huis, de bereikbaarheid van dingen.

Maar wat doen we? We beantwoorden deze vragen met een zorgaanbod. Dat moeten we niet willen, we moeten deze vragen leggen bij de mensen die erover gaan, daar afspraken over maken en ze uit de zorg halen.

4. Bestuur vanuit het belang van de patiënt

Ik denk dat één van de belangrijkste problemen in de transitie van de zorg zit in het bestuur van de zorg: ik wil alle bestuurders aanspreken op hun verantwoordelijkheid: er wordt nogal wat bestuurd uit een ander belang dan het patiënten belang, dan het samenlevingsbelang en dat is heel nadelig voor datgene dat we moeten doen en de financiering van de zorg.

Het meest evidente voorbeeld is de farmaceutische industrie, als er één tak is die ons gruwelijk veel geld kost is het die tak: 80% van de nieuwe geneesmiddelen dragen niets bij aan de kwaliteit van zorg, maar kosten ons gruwelijk veel geld.

Het gaat niet om hetzelfde doen, het gaat om anders doen. De samenleving heeft andere vragen aan de zorg en wil dat op een andere manier inrichten. Dus het maatschappelijk verantwoorden van bestuurders is cruciaal. Zij moeten samenwerken en over hun eigen schaduw heenstappen. Het primaire belang is dat van patiënten in de context van de samenleving.

5. Bevorder leefplezier: neem tijd voor het kopje koffie

Kopje koffie

Er moet ruimte zijn op de werkvloer voor die kwaliteit, voor het leefplezier. Want leefplezier ontstaat in het contact tussen mensen. Dat is de kern van het kopje koffie voor de thuiszorg. Daar gaat een hele wereld achter schuil. Wanneer wij die front-office als citroenen uitknijpen dan staan zij in dat menselijk contact met onze patiënten niet in een goede positie. Dan zijn ze niet in staat om dat leefplezier te geven aan de mensen die dat nodig hebben. We moeten zorgen dat er ruimte is op de werkvloer voor de echte kwaliteit waarin leefplezier gegenereerd wordt.

6. Benoem ziekte alleen wanneer er een interventie is die helpt

We doen ook iets geks in de samenleving wat betreft erbij horen en er niet bij horen. Zo langzamerhand is iedereen ziek. U moet als u de 75 gepasseerd bent van goede huize zijn om niet van mijn speekuur met vijf medische diagnoses weg te gaan. Het benoemen van ziekte is alleen zinvol wanneer er een interventie op volgt die helpt voor het individu en voor de samenleving.

7. Integreer formele en informele zorg

In dorpen en in wijken moet de formele en de informele zorg veel beter geïntegreerd worden. Het kan niet zo zijn dat alles voor rekening komt van de samenleving en de informele zorg en plots als dat omvalt de formele zorg alle regie overneemt. Dan worden de mensen letterlijk over de schutting gegooid, dat is niet de bedoeling. Dat is heel slecht voor het welbevinden. Dat is heel slecht voor het gevoel van mensen om er nog bij te horen. Laten we dat voorkomen door formele en informele zorg met elkaar te verweven.

Joris Slaets tipt de sketch Thuiszorg van Kooten en de Bie.

8. Zorg voor alternatieve meetlatten

Joris Slaets geeft vier vragen die zorgbestuurders kunnen gebruiken bij het maken van alternatieve meetlatten voor zorgvernieuwing en innovatie.

1. Wat ik doe helpt dat voor het leefplezier van mijn patiënten en cliënten? Helpt dat voor het leefplezier van de medewerkers die in contact staan met deze patiënten en cliënten?

Als dat niet zo is, dan zou ik nog eens nadenken of dit wel een goed plan is.

2. Helpt het voor de samenleving?

Want we moeten een individueel belang zien in de context van de samenleving van een groepsbelang, dat is verantwoord bestuur en verantwoord gebruik maken van collectieve middelen zodat het sociaal draagvlak overeind blijft.

3. Heeft u een goede indicator om volgend jaar te vertellen dat u het goede gedaan heeft?

De huidige indicatoren, waarmee we alles tellen wat er niet toe doet maar niet vertellen wat er wel toe doet, gaat ons niet verder helpen. Maar iedereen, alle beroepsgroepen, alle instanties hebben verzuimt om goede indicatoren te maken en we zitten nu met een groot probleem in de zorgvernieuwing. Dus denk na of u een goede indicator heeft voor publieke verantwoording en kwaliteitsbeleid.

4. Helpt uw zorginnovatie in het proces van gemeenschappelijke besluitvorming?

Borgen we dat de echte vraag, belangrijker wordt dan het aanbod. Borgen we dat de voorkeuren, de preferenties en het kennisdomein van onze patiënten belangrijker wordt dan onze richtlijnen en wetenschappelijke kennis. Dat is wezenlijk om echt over te gaan op vraaggestuurde zorg.

Meer leren van Joris Slaets?

Schuld: waarom de schuldige zoeken niet helpt…

Wat is schuld?

Brené Brown zegt in het filmpj hieronder: “Uit onderzoek blijkt dat schuld het ontladen is van je ongemak en pijn. Het is het tegenovergestelde van verantwoordelijkheid. […] Schuld is een manier om onze boosheid te ontladen. Mensen die bezig zijn met beschuldigen hebben zelden de vastberadenheid en vasthoudendheid om mensen verantwoordelijk te houden omdat we al onze energie hebben gebruikt om boos te zijn en uit te vinden wiens fout dit is.”

Het filmpje over Schuld van Brené Brown is prachtig geanimeerd. Net als het filmpje over het verschil tussen empathie en sympathie. Het filmpje heb ik van een Nederlandse ondertitel voorzien. Zo kun je het ook kunt volgen als je niet zo goed bent met de Engelse taal.

Schuld in verschillende culturen

In Nederland hebben we een cultuur waarin als er iets mis gaat we vaak zoeken naar de schuldige. Om die vervolgens de gevolgen van een fout te laten ervaren. Het lastige daaraan is, is dat er niet vaak één schuldige aan te wijzen is. Waardoor we vaak uitkomen bij een directeur of de minister die vervolgens moet uitleggen hoe dit heeft kunnen gebeuren en hoe voorkomen gaat worden dat dit ooit nog eens gebeurt. Je snapt dat dit niet echt effectief is. In Azië zijn er vaker culturen waar de schaamte en niet de schuld overheerst. Dat heeft tot gevolg dat bij een fout alle betrokkenen zich schamen. Vervolgens wil ik elke individu helpen te voorkomen dat zoiets nog eens gebeurt.

Niet proberen voorkomen maar de kans verkleinen

Een voorbeeld waarover pas kamervragen gesteld werden is het bericht dat bewoners van een bejaardenhuis in Dordrecht geen warme maaltijd kregen. De minister moest zich verantwoorden en uitleggen hoe ze dit gaat voorkomen. Interessant, want voorkomen kan wel, maar vaak is het veel effectiever om de kans te verkleinen. Dat zoiets nog iets gebeurt kun je ten slotte niet uitsluiten, maar je kunt de kans daarop wel verkleinen. Probeer je dit wel te voorkomen of uit te sluiten dan leidt dit vaak tot een keur aan maatregelen, procedures en regelgeving die niet helpt in het proces. Nu ging het hier alleen om een warme maaltijd maar dit soort taferelen zien we ook als ze meer impact hebben, met bijvoorbeeld de bonnetjesaffaire of het ontsnappen van een TBS-er.

Met schuld kun je schuiven, met schaamte niet

Interessant aan dit soort processen is dat door het hele proces heen gezocht wordt naar ‘de schuldige’, nu kan die er best zijn. Maar vaak zijn er veel meer mensen betrokken bij het proces. Als zij mee mogen zoeken naar een schuldige wijzen ze allemaal iemand aan, want met schuld kun je schuiven. In plaats daarvan hadden ze ook zelf kunnen bedenken wat zij anders hadden kunnen doen. En dat is het verschil met landen waar een schaamtecultuur heerst. Misschien mogen wij onszelf nog wel iets vaker schamen, schamen en dan afvragen hoe we in het vervolg de kans op nog zo’n fout kunnen verkleinen.

Meer leren?

Waarom empathie beter is dan sympathie

Misschien heb je het artikel gelezen dat ik schreef over kwetsbaarheid. Daarin heb ik dankbaar gebruikt gemaakt van het werk van Brene Brown. Maar gelukkig werkt ze gewoon door. Hieronder legt ze uit wat empathie is en waarom het beter is dan sympathie. De essentie is dat als iemand je iets vertelt, dat het niet gaat om hoe je reageert, maar of je in verbinding bent.

Overigens is het filmpje prachtig geanimeerd.

Brene Brown over Kwetsbaarheid

Kwetsbaarheid, de oorsprong van plezier, creativiteit en liefde

De term kwetsbaarheid hoor je steeds vaker vallen. Bij kwetsbaarheid dacht ik vaak aan oudere mensen die steeds kwetsbaarder worden of kinderen die nog onbevangen en kwetsbaar zijn. Maar Brene Brown heeft mijn kijk op kwetsbaarheid voorgoed verandert.

Het onderstaande filmpje van 20 minuten is al ruim 20 miljoen keer bekeken. Ik kan je aanraden om het zelf te kijken, maar als je minder tijd hebt, lees dan verder, want ik vat hieronder samen wat Brene Brown zegt (en heb me daarbij vrij gevoeld om op veel plekken de directe vertaling van haar tekst te gebruiken).

De definitie van kwetsbaarheid

De definitie die Brene Brown aan kwetsbaarheid geeft:

“Kwetsbaarheid klinkt als waarheid en voelt als moed. Waarheid en moed zijn niet altijd fijn, maar ze zijn nooit zwakheid.”

Daarnaast zegt ze over kwetsbaarheid:

“Kwetsbaarheid is de kern van schaamte en angst en onze strijd voor waardig-heid maar het lijkt erop dat het ook de oorsprong is van plezier, van creativiteit, van erbij horen, van liefde.”

Schaamte is heel gemakkelijk te begrijpen als angst voor verbreking van de verbinding. ‘Is er iets met mij dat, als andere mensen het weten of zien, ik het niet waard ben om mee te verbinden?’

Wat hebben mensen met kwetsbaarheid gemeenschappelijk?

Brene Brown stelde de bovenstaande vraag in haar onderzoek. De antwoorden die ze vond vat ik hieronder samen:

    • Het gevoel hebben om ‘geliefd te zijn en erbij te horen’ en geloven dat je dat waard bent. Mensen die dat niet geloven, hebben ook dat gevoel niet.
    • Hartelijkheid: een diep gevoel van het-waard-zijn.
    • De moed om onvolmaakt te zijn. Moed, vanuit de oorspronkelijke betekenis van het Engelse ‘courage’ komt van het Latijnse woord cor, wat hart betekent en de oorspronkelijke betekenis is: je eigen verhaal van wie je bent, vertellen met je hele hart. De ruimte nemen om dat verhaal te vertellen ook al is het onvolmaakt.
    • De bereidheid om eerst aardig voor jezelf te zijn en dan voor anderen. ‘Wie van zichzelf houdt geeft past echt iets kostbaars, als ie ‘ik hou van jou’ tegen een ander zegt.’Harry Jekkers in ‘Ik hou van mij’

  • Verbinding die voortkomt uit authenticiteit: “Ze waren bereid om los te laten wie ze dachten te moeten zijn om te zijn wie ze waren.” Dat is een voorwaarde voor verbinding.
  • Het omarmen van kwetsbaarheid: geloven dat juist wat je kwetsbaar maakt, je ook een mooi mens maakt.
  • De bereidheid om eerst te zeggen: ‘ik houd van jou’, de bereidheid om in een relatie te investeren waarvan het niet zeker is of die zal slagen.
Brene Brown over Kwetsbaarheid

Brene Brown (1965) is onderzoeksprofessor aan de University of Houston en doet onderzoek naar kwetsbaarheid, schaamte, waardigheid en moed.

Praktisch

Aan het einde van haar verhaal geeft Brene verschillende doelgroepen een tip mee:

Boodschap voor ouders

Probeer je kinderen geen betere versie van jou te maken of ze allerlei doelen te stellen, zeg: “Weet je wat? Je bent onvolmaakt en je bent geprogrammeerd om te knokken maar je bent het waard om lief te hebben en erbij te horen.”

Boodschap voor organisaties, op de momenten dat het erop aan komt

“We zijn niet van gisteren. We willen alleen maar dat jullie authentiek en echt zijn en zeggen: ‘Het spijt ons. We lossen het op.'”

Boodschap voor jou

Om jezelf te laten zien, echt te laten zien, te laten zien in je kwetsbaarheid. Om je hele hart te geven ook al weet je niet hoe het afloopt. “Om in plaats van catastrofes te vrezen, gewoon te zeggen: ‘Ik ben zo dankbaar want me zo kwetsbaar voelen, is weten dat ik leef.’”

Geloof dat je genoeg bent: “Want als we vertrekken vanuit ‘Ik ben genoeg’, dan stoppen we met schreeuwen en beginnen te luisteren. Dan zijn we aardiger en zachtmoediger voor de mensen om ons heen en we zijn aardiger en zachtmoediger voor onszelf.”

Kwetsbaarheid in de TBS

In de TBS kliniek de Kijvelanden waar ik inmiddels ruim vijftig medewerkers gecoacht heb, ben ik met een aantal medewerkers aan de slag gegaan met het thema kwetsbaarheid. Op heel veel plaatsen (maar ook in de TBS) zie je heel duidelijk dat sommige medewerkers als het spannend wordt een schild optrekken. Dit is een prikkel voor TBS-ers – met name degene die ‘anti-sociaal’ worden genoemd – om daar vervolgens op te hameren omdat ze het mens achter dat schild willen zien. De tegenovergestelde aanpak blijkt effectiever. Een medewerker die zichzelf laat zien en wat het met hem/haar doet als de TBS-er dit gedrag vertoont. Een medewerker vertelde dat ze dit deed toen een anti-sociale TBS-er de confrontatie zocht. De TBS-er die al eerder voor meerdere escalaties had gezorgd verdween nu naar zijn kamer en kwam vijf minuten later terug om zijn excuses aan te bieden.

Theodore Roosevelt over kwetsbaarheid

Theodore Roosevelt

Theodore Roosevelt (1859-1919) was president van Amerika van 1901 tot 1909.

Naast de woorden van Brene Brown vind ik zelf de woorden van Theodore Roosevelt over kwetsbaarheid erg mooi:

“Het is niet de criticus die telt, niet degene die ons erop wijst waarom de sterke man struikelt. De eer komt toe aan de man die in de arena staat, die fouten maakt en keer op keer tekortschiet, omdat dat nu eenmaal onvermijdelijk is. Die desondanks probeert iets te bereiken, die enthousiasme en toewijding kent en zich helemaal geeft voor de goede zaak. Die als het meezit, de triomf van een grootse verrichting proeft en die als het tegenzit en als hij faalt, in elk geval grote moed heeft getoond. Kwetsbaarheid is dus geen kwestie van winnen of verliezen, maar inzien dat beide bij het leven horen en jezelf ondanks dat helemaal geven. In de arena zul je altijd klappen krijgen, maar als we blijven wachten tot we perfect of onaantastbaar genoeg zijn voordat we de arena durven betreden, zullen we kostbare tijd verdoen en onze talenten de rug toekeren. Kwetsbaarheid is onzekerheid, risico’s nemen en emotionele blootstelling. Zolang je leeft en relaties hebt, ben je kwetsbaar.”

Meer leren?

Mocht je vragen, opmerkingen of toevoegingen hebben en willen delen, voel je vrij om dat hieronder te doen.

Waarom ouderen vaker zouden moeten hardlopen

Als ik teveel stil zit, komt er op een gegeven moment niets meer uit mijn vingers. Voor ouderen zijn de gevolgen erger. Professor Dr. Erik Scherder legt uit waarom ouderen meer gestimuleerd moeten worden om te bewegen.

Duurzame Inzetbaarheid

Wat is duurzame inzetbaarheid?

Duurzame inzetbaarheid betekent het gezond, ontwikkeld en werkend houden van je team. Op deze manier blijft het werk aantrekkelijk voor de werknemers en blijven de werknemers ook aantrekkelijk voor de organisatie. Door te investeren in de gezondheid en de ontwikkeling van je personeel houd je ze betrokken. Daardoor zorgt het voor minder ziekteverzuim, meer plezier in het werk en hogere arbeidsproductiviteit.

Duurzame Inzetbaarheid: Vijf succesfactoren

  1. Betrokkenheid: Geef medewerkers de ruimte en verantwoordelijkheid om hun vakmanschap uit te oefenen en daarmee een waardevolle bijdrage te leveren. Mensen die echt zin hebben in hun werk, leveren betere prestaties en zijn ook minder vaak ziek.
  2. Organisatie: Faciliteer medewerkers door goede organisatie van het werk. Leidinggevenden ondersteunen de medewerkers, zodat zij optimaal hun werk kunnen doen.
  3. Gezondheid: Maak uw medewerkers bewust van het belang van hun gezondheid en stimuleer een gezondere levensstijl. Ondersteun hen bij sporten, gezond leven en stoppen met roken.
  4. Ontwikkeling: Bied uw medewerkers mogelijkheden tot ontwikkeling. Hiermee vergroten zij hun flexibiliteit en aantrekkelijkheid op de arbeidsmarkt. En u vergroot het vermogen van uw organisatie om in te spelen op verandering in de markt.
  5. APK: Onderzoek periodiek hoe het ervoor staat met de duurzame inzetbaarheid van uw medewerkers. Gebruik het onderzoek als aanleiding om het gesprek aan te gaan over de loopbaan, ontwikkeling en gezondheid.

De vijf succesfactoren in beeld

Deze vijf succesfactoren worden ook in het onderstaande filmpje genoemd.

Bron van het filmpje en de succesfactoren: www.duurzameinzetbaarheid.nl

Het investeren in deze vijf succesfactoren verdien je snel terug. Toen ik dit voor het eerst deed voor Voerman International, die duurzame inzetbaarheid ziet als onderdeel van dienend leiderschap, had dit de volgende resultaten: Het ziekteverzuim daalde, personeel leerde elkaar beter kennen en de productiviteit steeg.

Een zorgteamtraining draagt bij aan duurzame inzetbaarheid van uw medewerkers. Tijdens de training werken we aan de betrokkenheid en de ontwikkeling van uw medewerkers. En dit is belangrijk, want de vraag is niet óf dit zichzelf terugverdiend, maar hoe snel.

Congres Duurzame inzetbaarheid

In 2013 bezocht ik een congres over dit onderwerp. De aantekeningen die ik daar maakte, vind u hieronder.

Duurzame Inzetbaarheid